Afdrukken
Tweet

BELGIË

Het Bois du Cazier

Deze plek was getuige van de grootste mijnramp in de geschiedenis van België. Bijna werd ze met de grond gelijk gemaakt, maar dankzij een plaatselijke vzw en de Italiaanse gemeenschap gebeurde dat niet. Sinds 1990 is het geheel geklasseerd als historisch monument.

Het bezoek...

Het bezoek begint bij het gebouw waarin zich de ‘Espace 8 août 1956’ bevindt, genoemd naar de datum van de ramp. Wie hier binnenkomt, waant zich 50 jaar terug in de tijd: daar zorgen de reconstructies voor, onder andere van een filmzaal van vroeger. Men speelt er fictiefilms en documentaires over de mijnen, over de werkomstandigheden in de 19e eeuw, de immigratie en integratie van buitenlandse mijnwerkers,… Er werd ook een mijnwerkershuisje gereconstrueerd en de rechtszaal waar destijds het proces plaats vond. Op beeldschermen kan men kijken naar reportages van destijds, gemaakt door de verschillende televisiekanalen die toen ter plaatse waren. Een fototentoonstelling tenslotte toont mijnwerkers en families van de slachtoffers van de ramp. In het gebouw ernaast bevindt zich het Industriemuseum. Daar worden de verschillende etappes van de industriële revolutie uiteengezet: de steenkoolmijnen, de staal- en glasindustrie, de mechanische en elektrische constructies, de chemie en de drukkunst. De getuigen van die periode staan hier uitgestald: stoommachines, een walsmachine uit de 19e eeuw en een authentieke elektrische tram uit 1904, die nog echt heeft rondgereden in Charleroi. Samen maken ze dit museum tot een ontroerende plek vol geschiedenis. In het forum, de oude machinezaal, worden culturele evenementen en tijdelijke tentoonstellingen gehouden. Bij het o zo bekende hek, dat bij velen voor altijd in het geheugen staat gegrift, werd een herdenkingsmonument opgericht. De naam van elke omgekomen mijnwerker staat erop: samen vormen ze een sliert rond de herdenkingssteen. Elke naam is geschreven in de taal van het land van oorsprong: men vindt er dus het Latijns, Grieks, cyrillisch en Arabisch alfabet. Rond de site van wel 26 ha groot liggen drie terrils, waar geregeld wandelingen worden georganiseerd. Sinds de herfst van vorig jaar is er ook een herinneringsdreef, met bomen die door hun aantal en oorsprong verwijzen naar de twaalf landen die in deze ramp mannen hebben verloren.


Korte geschiedenisles

In de 19e eeuw was Wallonië dankzij de steenkool één van de belangrijkste industriële streken in de wereld. De uitbating van de mijn van het ‘Bois du Cazier Saint-Charles’ begint in 1868. Zo’n 700 à 800 mijnwerkers worden er tewerkgesteld. De steenkoolmijn heeft een oppervlakte van 875 ha en produceert zo’n 160.000 ton steenkool per jaar.

De ramp

Woensdag 8 augustus 1956. De 274 mijnwerkers van de ochtendploeg zakken af naar beneden, tot een diepte van 835 en 1035 meter. 262 onder hen zullen nooit meer het daglicht zien. Om 8u10 vat de steenkoolmijn van Le Cazier vlam. De belangrijkste oorzaak van dit vreselijke ongeluk is een menselijke fout: kolenwagentjes worden slecht geplaatst, waardoor één ervan buiten de metaalkooi uitsteekt en bij het hijsen twee elektrische hoogspanningskabels doorsnijdt, maar ook een olieleiding onder druk en een leiding met samengeperste lucht. Het houtwerk vat onmiddellijk vlam. Een ventilator, die pas een uur later zal worden stopgezet, wakkert het vuur nog aan en verspreidt de koolstofmonoxide in de ventileercircuits. De uitrusting is te rudimentair, bijna belachelijk. Bovenmenselijke inspanningen compenseren het tekort, maar de onmacht en het gebrek aan hulpmiddelen doen het ergste vrezen. Alle media zijn ter plaatse om de ramp te volgen: het zijn de eerste live-uitzendingen van de Belgische televisie. Wekenlang zullen hele families zich wenend vastklampen aan het beruchte hek. Ze wachten op het kleinste teken, het kleinste gerucht, in de hoop overlevenden terug te vinden. Tevergeefs. Op 23 augustus valt het oordeel: een uitgeputte redder komt boven en snikt: ‘Tutti cadaveri…’. De mijn van het Bois du Cazier heeft 262 ‘zwarte smoelen’ opgeslokt, waarvan 95 Belgen, 136 Italianen, 8 Polen, 6 Grieken, 5 Fransen, 5 Duitsers, 3 Hongaren, 1 Oekraïner, 1 Rus, 1 Nederlander, 1 Engelsman. Ze laten 183 weduwen en 417 wezen achter. De meeste slachtoffers stierven kort na het begin van de brand, door het inademen van koolstofmonoxide. Achteraf bleek dat alle ingrediënten voor een ramp van deze omvang aanwezig waren: slecht onderhouden wagentjes; gebrek aan communicatie tussen de mijnwerkers van verschillende afkomst; onbezonnen ingenieurs die geen probleem zagen in de nabijheid van elektriciteit, olie et geperste lucht; nalatigheid bij het aangeven van vroegere incidenten; een gebrek aan opleiding bij de personen die cruciale posten innamen,… Het proces van vijf hoofdrolspelers van de ramp begint in mei 1959. Na twee maanden worden ze vrijgesproken. Maar de publieke opinie eist een duidelijk aangewezen schuldige. Een nieuw proces eindigt in januari 1961 met één enkele veroordeling: die van de directeur der werken van Le Bois du Cazier. De ingenieur werd door de mijnwerkers zelf nochtans enorm gewaardeerd voor zijn vastberadenheid tijdens de reddingswerken. Hij zal de veroordeling nooit te boven komen.


Praktische informatie

Het Bois du Cazier. Rue du Cazier 80. 6001 Marcinelle. Tel: 071/88.08.56 www.leboisducazier.be Open heel het jaar door. Van dinsdag tot vrijdag: van 9 tot 17u. In het weekend: van 10 tot 18u. Ingang: 5€ (4€ voor kinderen, studenten en senioren). Het Industriemuseum bezoeken kan in het Frans, het Nederlands of het Engels, met behulp van een audiogids. Geleide bezoeken zijn mogelijk mits reservering. Toegang: •met de auto: via de A54 of R3, neem de A503 afrit 34 Marcinelle Haies. •met de trein: station Charleroi Zuid en Bus TEC 52. Op de eerste verdieping van het ingangsgebouw bevindt zich het restaurant ‘La Vray Cantine’ (maandag tot vrijdag open op de middag, en ook donderdagavond). Hier kunt u genieten van een kwaliteitsvolle keuken, met streekgerechten en hedendaagse klassiekers. Formules aan 12€ of 18€, met een drankenforfait aan 8 €.



Laatst aangepast op woensdag, 07 april 2010 12:46